Glansdorff, Paul Gustave (1904-1999)

From Bestor_NL
Jump to: navigation, search

Ingenieur en natuurkundige gespecialiseerd in de thermodynamica, geboren te Sint-Gillis (Brussel) op 17 oktober 1904 en overleden te Ukkel op 23 juni 1999.

Biografie

Paul Glansdorff werd geboren te Sint-Gillis (Brussel) op 17 oktober 1904. Hij volgde middelbaar onderwijs aan het Atheneum van Sint-Gillis en vervolgens aan het Instituut Michot Mongenast. Nadien studeerde hij voor burgerlijk ingenieur aan de ULB. In 1930 werd hij gediplomeerd ingenieur. In hetzelfde jaar werd hij benoemd tot wetenschappelijk medewerk aan het NFWO, waarbij hij was verbonden aan de Faculté polytechnique van Bergen. Hij was van 1931 tot 1937 NFWO-aspirant aan de Faculté polytechnique van Bergen. In 1937 werd hij gerekruteerd door de Union Chimique Belge. Hij werd directeur van hun studiedienst. In 1941 nam hier ontslag en ging werken als professor aan de Faculté polytechnique van Bergen. Hij doceerde hier de wiskundige natuurkunde en de thermodynamica. In 1946 werd hij aan de ULB aan de Faculteit Toegepaste Wetenschappen benoemd tot buitengewoon hoogleraar. Hij doceerde er thermodynamica. In 1954 werd hij gepromoveerd tot gewoon hoogleraar. Daarnaast was hij vanaf 1961 gewoon hoogleraar aan de Faculteit Wetenschappen. Hij doceerde ook nog steeds aan de Faculté polytechnique van Bergen.
Aan de ULB aan de Faculteit Wetenschappen richtte hij de Pool de Physique op. Het doel hiervan was tweeledig: het aanmoedigen van de experimentele fysica en de belasting van het lesgeven depersonaliseren.
In 1975 werd hij toegelaten tot het emeritaat.
In 1961 werd hij corresponderend lid van de Académie royale des Sciences, des Lettres et des Beaux-Arts de Belgique , effectief lid in 1971 en directeur van de Klasse Wetenschappen in 1977. Hij werd in 1976 buitenlands lid van de Académie des Sciences van Padua.
Op het internationale vlak was hij aan het Institut International du Froid van 1951 tot 1955 voorzitter van de commissie koeling. Hij was vanaf 1960 voorzitter van de ISO commissie en vice-voorzitter van de wetenschappelijke raad van 1964 tot 1967. Hij was hier ook voorzitter van de algemene conferentie en vanaf 1979 ere-voorzitter.
In 1958 werd hij Ridder in het Franse Erelegioen. Hij werd ook Grootofficier in de Leopoldsorde.
In 1937 won hij samen met Georges Van Lerberghe de internationale Jules Boulvin prijs van de toegepaste mechanica. Paul Glansdorff won ook de vijfjaarlijkse prijs van de Vrienden van Henegouwen voor de periode 1975 tot 1980.
In 1988 ontving hij een eredoctoraat van de Universiteit van Bourdeaux.
Hij overleed te Ukkel op 23 juni 1999.[1]

Werken

Zijn eerste publicaties behandelden vochtige gassen en de koudetechniek. Hij was hierbij geïnteresseerd in de rol van de koude in de voedselsector en in de heel lage temperaturen (cryobiologie, cryotherapie). Tijdens zijn directeurschap aan de Union Chimique Belge deed hij onderzoek naar ovensulfaat, zoutzuur, salpeterzuur en organische syntheses.
Hij schreef ook verschillende werken gewijd aan de wiskundige problemen relevant voor de variatierekening.
Hij was dankzij Théophile De Donder ook geïnteresseerd in het probleem van de niet-evenwicht thermodynamica. Dit probleem was de basis van de samenwerking tussen Glansdorff en Ilya Prigogine.[2]
Paul Glansdorff en Ilya Prigogine maakten een doorbraak naar de wetenschap van het niet-lineaire. In 1971 werd de thermodynamica van het niet-evenwicht in het nauw gedreven door het verkrijgen van een stabiliteitscriterium.[3]
Het zoeken naar een evolutiecriterium hield de Belgische thermodynamici bijna twee decennia bezig (ongeveer van 1950 tot 1965). Het begon optimistisch na de ontdekking door Paul Glansdorff en Ilya Prigogine, in 1954, van een universele ongelijkheid voor een deel van de variatie van de entropieproductie die samenhangt met de variatie van de veralgemeende krachten. Maar al snel bleek dat ver van het evenwicht niet aan deze eigenschap van integreerbaarheid kon voldaan worden, wegens de aanwezigheid van antisymmetrische bijdragen. Voor Paul Glansdorff en Ilya Prigogine betekenden dit niet alleen het opgeven van een universele variationele formulering maar ook - nog veel belangrijker - dat de uniciteit en de stabiliteit van de niet-evenwichtsregimes op losse schroeven stond. Dat leidde in 1971 tot het thermodynamisch stabiliteitscriterium t.o.v. kleine perturbaties, onder de vorm waarin dJk en dXk de overmatige fluxen en krachten zijn t.o.v. de 'thermodynamische tak', de tak van toestanden die de near-equilibrium toestanden extrapoleren.[4]
Pas in de jaren zestig werd het belang en de onderliggende betekenis ervan echt duidelijk toen Ilya Prigogine en Paul Glansdorff de theorie rond dissipatieve structuren aanvoerden. Deze theorie zorgde voor het eerst voor een gegronde thermodynamische basis voor de algemene categorie van 'zelf-organiserende fenomenen', waartoe de Turing-patronen behoren. Aan de hand van eenvoudige modellen als de Brusselator, slaagde de Belgische partner erin systematische theoretische onderzoeken uit te voeren naar de mechanismen en eigenschappen van reactie-diffusiepatronen.[5]
In 1966 gingen Ilya Prigogine en Paul Glansdorff elk hun eigen weg. Beiden bestudeerden de thermodynamica vanuit een verschillende invalshoek. [6]
André Jaumotte (1919-?) paste, in samenwerking met Paul Glansdorff, op jet-propulsors de wetten toe van de mechanica en de thermodynamica van mobiele open systemen. Zij verkregen zo het nuttige vermogen, het beschikbare vermogen, de verliezen en dus ook het rendement, van een reactiepropulsor in alle translatiebewegingen.[7]
Ondanks zijn emeritaat bleef hij tot in 1989 publiceren.

Wetenschapsgeschiedenis
Zijn laatste publicaties behandelden voornamelijk de geschiedenis van de thermodynamica.[8]

Publicaties

  • Lijst met publicaties in: Nicolis, Grégoire & Jaumotte, André L.,"Paul Glansdorff", In: Annuaire ARB, jaargang 2005, Brussel: ARB, p. 68-76.


Bibliografie

  • Nicolis, Grégoire & Jaumotte, André L.,"Paul Glansdorff", In: Annuaire ARB, jaargang 2005, Brussel: ARB, p. 59-68.
  • Nicolis, Grégoire & Jaumotte, André L., "Paul Glansdorf", In: Nouvelle Biographie Nationale, vol. 8, Brussel: ARB, 2005, p. 170-173.


Nota’s

  1. Nicolis, Grégoire & Jaumotte, André L., "Paul Glansdorf", In: Nouvelle Biographie Nationale, vol.8, Brussel: ARB, 2005, p. 170-173.
  2. Nicolis, Grégoire & Jaumotte, André L., "Paul Glansdorff",In: Annuaire ARB, jaargang 2005, Brussel: ARB, p. 59-68.
  3. Nicolis, Grégoire, "De thermodynamica, de wetenschap van het niet-lineaire en de statische mechanica", In: Robert Halleux, Geert Vanpaemel, Jan Vandersmissen en Andrée Despy-Meyer (red.), Geschiedenis van de wetenschappen in België 1815-2000, Brussel: Dexia, 2001, vol. 2, p. 156.
  4. Nicolis, Grégoire,"De thermodynamica, de wetenschap van het niet-lineaire en de statische mechanica", In: Robert Halleux, Geert Vanpaemel, Jan Vandersmissen en Andrée Despy-Meyer (red.), Geschiedenis van de wetenschappen in België 1815-2000, Brussel: Dexia, 2001, vol. 2, p. 161.
  5. "Uitmuntende onderzoeksresultaten zijn zegen voor de maatschappij: Finalisten EU-Descartesprijs bekend", Europese Commissie, 2002, p. 7.
  6. Nicolis, Grégoire & Jaumotte, André L., "Paul Glansdorff",In: Annuaire ARB, jaargang 2005, Brussel: ARB, p. 59-68.
  7. Nicolis, Grégoire "De thermodynamica, de wetenschap van het niet-lineaire en de statische mechanica", In: Robert Halleux, Geert Vanpaemel, Jan Vandersmissen en Andrée Despy-Meyer (red.), Geschiedenis van de wetenschappen in België 1815-2000, Brussel: Dexia, 2001, vol. 2, p. 165.
  8. Nicolis, Grégoire & Jaumotte, André L.,"Paul Glansdorf",In: Nouvelle Biographie Nationale, vol. 8, Brussel: ARB, 2005, p. 170-173.